In deze economische barre tijden komt het steeds vaker voor: de bank zegt het krediet op. Wanneer mag dat en wat zijn de consequenties? Net als bij teamsport is een goede communicatie van groot belang.
Bancaire zorgplicht
Een van de gevolgen van de economische crisis is dat banken kritischer kijken naar hun uitstaande kredieten. Banken worden steeds meer gedwongen hun eigen vermogen te vergroten en/of de kredietportefeuille te verkleinen. Dit kan betekenen dat de bank kritischer reageert op het door uw onderneming niet naleven van de kredietvoorwaarden of anders reageert op integriteits-/reputatierisico’s. Als ondernemer kunt u daarom geconfronteerd worden met het meest vergaande middel dat een bank ter beschikking staat: een opzegging van de kredietovereenkomst, wat kortweg betekent dat alle schulden direct door u(w onderneming) moeten worden terugbetaald. Daarbij heeft de bank de mogelijkheid al haar zekerheden uit te winnen, met alle gevolgen van dien. De bank is daartoe op grond van de kredietovereenkomst gerechtigd maar moet daarbij wel – in het kader van haar maatschappelijke functie die een bijzondere zorgplicht met zich meebrengt – zowel haar eigen als de belangen van de klant in ogenschouw nemen. Wat is in dat kader van belang?
Beoordelingscriteria opzegging
De reikwijdte van de zorgplicht van een bank in geval van opzegging van de kredietovereenkomst hangt af van de situatie en de omstandigheden van het geval. In de rechtspraak is een negental niet-limitatieve factoren geformuleerd die een rol spelen bij de vraag of een bank al dan niet zorgvuldig en proportioneel heeft gehandeld bij de opzegging van het krediet. Van belang kan daarbij zijn:
- de duur, de mate van exclusiviteit, de omvang, de ingewikkeldheid en het verloop van de kredietrelatie;
- een aanmerkelijke afname van de kredietwaardigheid en/of aanmerkelijke toeneming van het bancaire kredietrisico, waarbij met name van belang zal zijn of er voldoende dekking door zekerheid bestaat, dan wel kan worden verleend, en de mate van waarschijnlijkheid of en in welke omvang deze zal blijven bestaan;
- het gedrag en de betrouwbaarheid van de kredietnemer alsmede de mate waarin en de tijdigheid waarmee deze de bank op de hoogte heeft gesteld en stelt van alle voor de kredietrelatie relevante omstandigheden;
- of en in welke mate de kredietnemer toerekenbaar is tekortgeschoten (bijvoorbeeld door overschrijding van de kredietlimiet);
- de kans dat de onderneming van de kredietnemer, al dan niet na een reorganisatie of doorstart, zal overleven en de mate waarin de kredietnemer een reorganisatie heeft opgestart;
- welke termijn de kredietnemer krijgt om een andere (huis-)bankier te vinden en welke ernstige financiële problemen voor de kredietnemer (zullen) ontstaan indien hij zijn financieringsbehoefte niet op korte termijn elders kan onderbrengen;
- de wijze van besluitvorming van de bank voorafgaand aan de opzegging en de wijze waarop overleg is gevoerd met de kredietnemer en/of in welke mate de bank de kredietnemer tevoren heeft gewaarschuwd;
- of de bank door eigen gedragingen (zoals toelating van de overschrijding van het kredietlimiet) verwachtingen heeft gewekt; en
- andere maatschappelijke belangen (waaronder het voortbestaan van de werkgelegenheid).
Wat is een redelijke opzegtermijn?
Doorgaans zijn de bank en de kredietnemer het eens over het feit dat de bank de kredietovereenkomst mag opzeggen op grond van de kredietovereenkomst en/of de toepasselijke Algemene Bankvoorwaarden. Een onderdeel van haar bijzondere zorgplicht is echter wel dat de bank een redelijke opzegtermijn dient te hanteren na weging van de negen voornoemde punten, maar wat is redelijk? Vaak is dat een punt van discussie en een onderdeel waar in een mogelijk kort geding winst valt te behalen. In de rechtspraak wordt een termijn van drie maanden als redelijk gezien. Het moge duidelijk zijn dat die termijn een korte is voor het vinden van een herfinanciering. Toch is drie maanden niet zelden een langere termijn dan wat de bank in eerste instantie als opzegtermijn wenst te hanteren.
Kortom
In de praktijk is het dus zaak om u zo goed mogelijk te houden aan de afspraken die u met de bank heeft gemaakt in de kredietovereenkomst. Lukt dat niet, informeer dan zelf de bank, hou het initiatief en zorg dat de ‘vertrouwensrelatie’ niet wordt beschadigd. Het niet of ontijdig informeren van de bank en/of het ontijdig betalen van de rente en/of aflossingen kan de bank de mogelijkheid geven om de kredietovereenkomst op te zeggen. Daarbij is het vertrouwen dat de bank in u en uw onderneming heeft van groot belang. En tot slot, neem bijtijds contact op met uw advocaat, zodat u als een team de strijd aan kan tegen de mogelijke kredietopzegging van de bank. Want voorkomen is doorgaans niet alleen beter, maar ook makkelijker, dan genezen.
